Water basis scenery – Realistisch uitziend water maken

Water maken dat is voor veel modelbouwers altijd een uitdaging gebleken en dan vooral realistisch uitziend water. Maarten Vis heeft ook een methode uitgeprobeerd en met heel mooie resultaten. Zijn verhaal kunt u hieronder lezen.

Niet dat scenery onmiddellijk moet oplossen als je er water over giet, maar hier gaat het meer over de een scenery methode beschreven in Dave Frary’s “Water Soluable Scenery” (uitgave Klambach USA). Deze methode maakt alleen gebruik van ingrediënten op waterbasis. Voorbeeld: acrylverf is met water te verdunnen. Bovengenoemd boek hoort eigenlijk voor alle modelspoorders een verplichte plaats op de boekenplank in te nemen.

Voor scenerybouw ligt geen enkel recept in beton. Er zijn allerlei manieren om een goed resultaat te bereiken. Een paar ingrediënten zouden verboden moeten worden, daaronder in de eerste plaats piepschuim, tegellijm en spaanderplaat. De eerste is onhandelbaar en de twee laatsten zwaar. Een van mijn uitgangspunten voor scenery is dat het eigenlijk niets mag wegen. Dat geldt natuurlijk vooral voor modules. In principe moet je een bak van 120 x 60 met één hand kunnen dragen……
Terug naar scenery, ik geef de voorkeur aan de methode van Dave Frary.

Persoonlijk bouw ik het liefst op basis van: Styrodur of Roofmate, beide een isolatiemateriaal, verkrijgbaar in platen van standaard afmetingen en diverse dikte. Het betreft hier een polystyreenschuim met een veel fijnere structuur dan het verfoeilijke piepschuim. Het is sterk en heel licht, verkrijgbaar bij elke goede bouwmaterialenhandel en niet duurder dan piepschuim. Het is bijvoorbeeld heel geschikt om als bodemplaat voor modules te dienen en dat scheelt al gauw 5 … 7 kilo per module. Het is te bewerken met een scherp mes of met een rasp (houdt de stofzuiger erbij). Een web van kartonnen strips, eenvoudig met het nietpistool aan de baan of module geniet en verbindende strip met een niettang aan elkaar bevestigd. Een lijmpistool is een goed alternatief voor nieten en heeft het voordeel nooit te roesten.

In beide gevallen begin ik na het aanbrengen van de basis voor de scenery met een eerste laag gips aan te brengen. Over gips nog het volgende: er zijn er velen, de meesten zoals Roodband en anderen hebben voor de modelspoorder ongewenste toevoegingen, dus, als ik het over gips heb, bedoel ik modelgips, duurder, maar ook veel beter en mooier. Ik bedek de scenerybasis met in modelgips gedrenkte keukenrol papiertjes. Dit kan zowel over styroduur als web scenery. Je kunt ook met een opgepropte krant beginnen en daarover de keukerol-in-gips leggen. Zorg ervoor dat de papiertjes (een keukenrolvel) elkaar behoorlijk overlappen. Dit is natuurlijk lekker knoeiwerk en het is dus raadzaam om een pak kranten bij de hand te hebben voor de opvang van het overtollige water. Zorg ervoor dat wissels en rail van tevoren afgedekt is (In N-schaal gaat dat het best met afplaktape van de schilder).

De superluxe methode is het gebruik van gipsverband, maar alleen als je connecties hebt met het ziekenhuis, want de handel vraagt er teveel voor. Laat maar twee dagen drogen.

Nu gaan we er echt op los met wat je maar wilt. De eerst ontstane contouren zien er meestal niet echt realistisch uit. Dus ga ik die te lijf met een kwast met dikke nog net vloeibaar gips. Je kunt dat ook met een klein plamuurmes doen. Enige snelheid is geboden, want het gips hardt snel uit. Dat kan je vertragen met een paar druppeltjes azijn. Ik gebruik altijd kleinen hoeveelheden, dan gaat er minder verloren, maar je moet vaker nieuwe gips aanmaken.

Op dit moment kan je met diezelfde dikke vloeibare gips ook tevoren gemaakte afdrukken van rotsen vastplakken. Zorg ervoor dat de vast te plakken rotsen goed nat zijn, gewoon eerst even in water leggen, anders zuigen ze al het water uit je gipskwast weg en wordt de verbinding niet sterk. Die rotsen hoeven er niet in hun geheel op, breek er, als dat nodig is, rustig stukken vanaf. Moeder Natuur kijkt ook niet zo nauw. Lelijke plekken kan je altijd met een beetje gips bijwerken. Met witte lijm kan je de rotsstukken ook vastplakken, maar dan moeten rots en ondergrond droog zijn. Mijn ervaring is dat het sneller gaat met gipsprut.

Nu komt de grondkleur. Hier heb je ook wat keuzes. Voor vlakke stukken kan je eerst een laag grondkleurige acrylverf aanbrengen. Zorg dat je dat dik genoeg doet. Zolang de verf nat is kan je er meteen strooisel opgooien, vooral Woodland Scenics hecht zich goed op verf.

Voor bergachtige stukken ga ik iets ander te werk. Ik gebruik een ouwe glassex fles met in water verdunde Oost-Indische inkt. (Met verdund bedoel ik echt weinig inkt en veel water). Spuit maar raak. Wordt het bij geval te donker, geen nood, dat maken we later weer in orde. Het voordeel van het ruim bespuiten van hellingen of rotswanden is dat de kleurstof op natuurlijke manier in alle hoekjes en gaatjes terecht komt. Het ziet er meteen al goed uit. Op dit moment gebruik ik ook droog pigmentpoeder, meestal gebrande Siena, donker bruin dus. Doop een schone verfkwast in het pigment en strijk het onregelmatig uit. In de natuur is ook niks regelmatig. Heb je teveel genomen? Jammer, maar geen man over boord. Lossen we later met de deklaag wel weer op. Bovendien mag de ondergrond in de natuur door de begroeiing heen te zien zijn. Het pigment poeder fixeren we met een glassex fles met water met een drupje afwasmiddel erdoor. Het water moet “nat” zijn, ofwel de oppervlaktespanning moet gebroken zijn en dat doet het afwasmiddel.

Stukken gips die niet de goede vorm hebben kunnen nu met een mes bekrast of gekerfd worden om ze er natuurlijk uit te laten zien. Gebruik hiervoor een oud Exacto mesje of een scherpe spijker of zo. Op deze manier kun je rotsvormen een goede onregelmatige aanblik geven. Bevalt de kleur je nog niet, even de glassex fles erbij, die met de verdunde Oost-Indische inkt.

Als je van plan was om landschap met rotsen te maken en dat ook deed, is het nu weer even tijd om naar de kleur te kijken. Die is nu deels bruin van de gebrande sienna pigmentpoeder en deels zwart grijs van het bespuiten met verdunde Oost-Indische inkt. De gemaakte krassen kan je accentueren door er nog een beetje Oost-Indische inkt op te spuiten. Maar rotsen zijn niet pikzwart of bruin, er zit ongelofelijk veel wit in. De echte bruine rotsen zie je veen in het Westen van de VS, bijna alle andere gebergten zijn veelal grijzig met veel wit lijkende plekken. Dat wit gaan we nu aanbrengen. Gewoon een tube Talens witte acrylverf of iets soortgelijks kopen. En als je toch in de winkel staat neem dan ook maar een tube zwarte acryl mee. Een goed plat penseel van 1 cm breed heb je ook nodig. En, natuurlijk een palet, maar daarvoor kun je elk oud plankje of stukje hardboard gebruiken.

Wit erop, niet teveel per keer, penseel in een bakje water, daarmee de verf verdunnen en op de rotsen smeren. In het begin denk je dat je gek geworden bent, maar ga maar eens kijken hoe het eruit ziet van een meter afstand. Vooral uitstekende rotsen mogen met wit bijgewerkt worden. Dit is een kwestie van gevaarloos experimenteren. Teveel wit doen we teniet met de zwarte spuit of met een beetje verdunde zwarte acrylverf. Deze manier van werken is een van de grote voordelen van waterbasis scenery. De gebruikte materialen nemen altijd weer water op. Uiteindelijk ligt er op de rotsen een grijs witte waas en dat maakt nu precies het – realisme – Nu kan de afwerking erop, ook als de onderlaag nog niet droog is. Hiervoor volg ik mijn eigen van Dave Frary afgeleide methode.

Je bent (dat is Drents voor je hebt) hiervoor het volgende nodig:

Isopropanol, of wel Isopropyl alcohol rubbing alcohol.

Dit spul is te krijgen bij elke instantie die iets met laboratoria te maken heeft. Isopropanol is een oplos/schoonmaakmiddel dat bestaat in technische en laboratorium kwaliteit. De technische kwaliteit is voor ons voldoende en heeft nog meer toepassingen dan de hier genoemde. Dus op naar de chemicaliënhandel of een technische school.

Isopropanol wordt gebruikt om de aangebrachte toplaag Woodland Scenics strooisel nat te maken. Je kunt het met een druppelaar doen, maar ook met een oude goedwerkende glassex fles. Ik gebruik isopropanol dus in plaats van nat water. De tweede toepassing van Isopropanol is als verdunner voor Tamiya acrylverf voor de verfspuit.

Acrylbinder – ook bekend onder de naam matte medium – en te koop ingoede winkels voor de kunstschilder. Bijvoorbeeld Harolds in Rotterdam. Per pot van een liter ben je een tientje kwijt, maar we verdunnen de inhoud straks 1:4 … 1:6, dat steekt niet zo nauw. De acrylbinder gebruik ik om het Woodland Scenics strooisel, maar ook ballast vast te lijmen. Gebruik druppelaars, te koop bij de DA drogist (niet bij de Kruidvat achtige drogist), bevatten 10 ML en gaan jaren mee. De eerder genoemde glassex fles werkt natuurlijk ook.

Het grote voordeel van acrylbinder is dat het flexibel blijft. Ballast vastgelegd met witte lijm, vormt een harde massa met de bedding en geeft daardoor alle trillingen – dus geluid – van je trein door aan de ondergrond. Met acrylbinder gelegde ballast kan verwijderd worden zonder dat de rail vernield wordt. Acrylbinder blijft flexibel en heeft daardoor een geluiddempende werking.

Je kunt altijd weer opnieuw over de scenery iets nieuws leggen.
Woodland Scenics strooimateriaal in diverse kleuren, maar minimaal zeer donker groen, donker groen en “burnt grass” – verdroogd gras. Daarnaast verkoopt WS vlokken in diverse kleuren, licht en donker groen zijn voldoende. Je kunt de soorten natuurlijk ook mengen, bijvoorbeeld donker groen en “burnt grass” met een lepel groene vlokken erdoor. Pot dicht en schudden. Het strooisel krijgt hierdoor natuurlijke oneffenheden.

Bergstroompje

Het hoeft niet altijd groot te zijn. Water van een klein bergstroompje maken kan ook een uitdaging zijn.


Het aanbrengen gaat als volgt. Met een lepeltje uit de pot het strooisel op de scenery laten vallen, zo van 10 `20 cm hoogte, het verspreidt zich daardoor op natuurlijke wijze. Op een hele steile rots groeit niks, dus daar valt het af. Doe kleinen oppervlakte per keer, zo’n 10 x10 cm.

Nu nemen we de isopropanol om het strooisel nat te maken. Druppel voorzichtig om de toplaag niet te beschadigen of neem de glassex fles en houdt afstand. Die glassex fles moet wel heel fijn vernevelen. Alles wordt nu een tint donkerder. Nat is nat, dus kletsnat is niet nodig. Is er wat van zijn plaats gegaan dan die plekken even aanvullen. Dat strooisel wordt vanzelf ook nat en zal dus blijven liggen. Kleurvariatie breng je aan door tussen duim en wijsvinger een beetje zeer donker groen onregelmatig over het natte strooisel te verstuiven.

Vervolgens doen we hetzelfde met de verdunde acrylbinder.
Morgenochtend is het droog en zit het vast en is het op elk moment te verwijderen en te veranderen, zonder schade aan de baan. Door de Isopropanol en de acrylbinder wordt alles een tint donkerder dan je verwachtte, na een half jaar komt de originele kleur terug. Vraag me niet hoe dat komt, het is zo.

Eén van de leuke dingen van deze methode is dat als je scenery er na jaren wat afgeleefd en verstoft uitziet, je gewoon de glassex fles met nat water kan nemen, je land natspuit en alles wordt weer helemaal fris. Woodland Scenics strooisel krijgt dat ook zijn oude kleur weer terug, iets wat mij met bijvoorbeeld Heki nog nooit gelukt is.

Nu mensen; aan de slag en succes!