Op dood spoor deel 3

Op dood spoor deel 3: Roestende locomotief

Roestende Lok

Roestende stoomlocomotief markeert desinvestering

 
Groningen en Drenthe onderzoeken de aansluiting van Emmen op het spoor naar het Noorden. In de eerste helft van de vorige eeuw was zo’n spoor er. Een tocht langs de resten. Vandaag deel vier en vijf van de serie Op dood spoor.

Er zijn nogal wat mensen die reageren en op deze ontdekkingstocht langs overblijfselen van het spoor door Drenthe. De Noord-Ooster Locaal Spoorwegmaatschappij (NOLS) voerde ritten uit van Emmen naar Stadskanaal, van Assen naar Stadskanaal maar ook op andere trajecten in Noord-Nederland. Website NOLS.

Station Gasselternijveen 1914

Station Gasselternijveen 1914

Een vasthoudende lezer dringt er nog even op aan dat we moeten rechtzetten dat het zogeheten Woldjesspoor (ook NOLS) in de provincie Groningen niet liep van Zuidbroek naar Delfzijl, maar van de stad Groningen over Roodehaan, Harkstede, Slochteren en verder naar Delfzijl. Bij deze.

De heer W. de Lange neemt zelfs de moeite langs te komen op ons redactiekantoor in Assen met kopieën van de dienstregeling uit 1930. De Lange heeft nog gewerkt bij de NOLS, als spoorwegbediende. Heeft hij wellicht ook als reiziger herinneringen aan de trein? Nee, dat niet. Misschien wonderlijk, misschien ook wel typerend. Zo groot was het succes niet van deze lijnen.

Station Gasselte 1960

Station Gasselte 1960

We lezen in de Officieele Reisgids der Nederlandsche Spoorwegen – Kleine Uitgave dat NOLS in Drenthe eigenlijk twee lijnen had. Van Zwolle over Emmen naar Stadskanaal en van Assen naar Stadskanaal. Met als – mag je zeggen verrassend? – overstapadres Gasselternijveen. Wie van Emmen naar Assen wilde of omgekeerd moest daar overstappen. De reis van Assen naar Stadskanaal duurde in 1930 46 minuten. Wie van Stadskanaal naar Emmen wilde was 53 minuten onderweg. Drenthe was nog groot in de jaren dertig. Veel groter dan nu.

Het waren boemeltjes die aanvankelijk stopten bij zo’n beetje elk huis dat boven het maaiveld uitstak, al werden het er allengs minder en uiteindelijk was er al snel helemaal geen trein meer. Op 1 november 1905 opende het traject van Coevorden (over Emmen) naar Gasselternijveen. Nog geen 33 jaar later – op 1 oktober 1938 – ging het vanaf Emmen al weer dicht.

De Duitse bezetter probeerde het nog even, vanaf 24 juni 1940 – zo’n zes weken na de bezetting! – tot welgeteld 24 november. En wonderlijk genoeg, als de Duitsers in mei 1945 verdreven zijn, komt er weer zo’n poging: 24 juni 1945 heropent Emmen-Gasselternijveen. Exact vier maanden later sluit het weer. Nu definitief. Twee jaar later valt het doek voor het traject Gasselternijveen-Assen.

stadskanaal naambord

Stadskanaal naamplaat

 
Ik geloof niet dat het aan mij ligt dat ik van het spoor tussen Drouwen en Stadskanaal – over Gasselternijveen dus – ook maar iets heb kunnen terugvinden. De websites over spoorgeschiedenis maken melding van een betonnen platform dat nog ergens zou moeten liggen. Ik heb het niet gevonden. Maar toch, als je je dan beweegt van Gasselternijveen, langs Avebe, over de provinciegrens Stadskanaal in dan ruikt ineens alles naar spoor.

Station Stadskanaal

Station Stadskanaal

 
Al was het alleen maar omdat hier dat spoor nog ligt. Niet dat het nog wezenlijk gebruikt wordt. Waarom het woord wezenlijk? Stadskanaal heeft wel een station. Een bijzonder fraai geconserveerd station zelfs. Het heeft zelfs reizigers, maar dat zijn toeristen die het leuk vinden met de STAR mee te gaan. De museumspoorlijn die twee keer per week rijdt tussen Stadskanaal en Musselkanaal. Website STAR.

STAR staat voor Stadskanaal – Ter Apel – Rijksgrens, ook wel Stadskanaal Rail genoemd. Ook een lijntje van de NOLS die met de wetenschap van nu als een totale infrastructurele desinvestering moet worden afgedaan.

deel 4 
En toch… Juist dit spoor moet in de (nog vage) plannen van de provincies worden her ontwikkeld. Met een nieuw stukje tussen Emmen en Ter Apel. Of je de roestende maar indrukwekkende stoomlocomotief in Stadskanaal als een aansporing of een waarschuwing wilt zien… Het is aan de provincies.

Op dood spoor deel 5: Tientallen ongelukken

De Drent was nog niet gewend aan die “hoge” snelheid.

kantine

Kantine Camping de Schaopvolte

We zijn terug in Eext, bij de Eexterhalte, voor de vijfde en laatste aflevering van onze zoektocht naar overblijfselen van de Noord-Ooster Locaal Spoorweg (NOLS) in Drenthe.

Hier ademt alles spoor, wagons op camping De Schaopvolte die dienst doen als opslagruimte en zelfs kantine.

De receptie die is ondergebracht in het station én spoor en Andreaskruisen bij de weg.

Die laatste twee zijn, zoals gemeld, nep. Aangebracht door de gemeente, enerzijds om het plekje als spoor historisch te markeren, maar ook om de kruising veiliger te maken. En dat lukt ook nog.

In de indrukwekkend lange lijst met ongelukken die plaatsvonden op het spoor van NOLS neemt Eext een prominente plaats in.

Gegrepen door de trein

overweg bij Eext

Spoorovergang bij Eextererhalte

Op 20 juli 1910 bijvoorbeeld zijn de Wildervankster echtparen Pot en Schuil onderweg naar Assen. Het echtpaar Pot reist per fiets, de familie Schuil in een tilbury, een in het begin van de vorige eeuw nog zeer populair licht rijtuig waarvoor een paard gespannen is.

Vanwege de sterke wind laat de heer Schuil mevrouw Pot in de tilbury zitten en neemt haar fiets over.

De dames letten bij de onbewaakte overgang bij Eext niet goed op en worden gegrepen door de trein. Mevrouw Schuil overlijdt ter plaatse, mevrouw Pot wordt zwaargewond naar het ziekenhuis in Assen vervoerd. Het paard blijft ongedeerd.

Nauwelijks gewend
Zoals gezegd, het is een van de tientallen ongelukken die zich zo tussen 1905 en 1940 voordeden. Ongevallen die laten zien dat de bevolking destijds nog nauwelijks gewend was aan vervoer met een snelheid van zo’n 50-60 kilometer per uur.

NOLS-stations
Bij de Eexterhalte begint ook een wandelpad dat deels het oude spoortracé volgt richting Rolde. In die plaats vinden we veruit het grootste van de vijf NOLS-stations (naast Rolde, Weerdinge, Valthe, Exloo en Eext) die er in Drenthe nog staan. Uiteraard aan de Stationsweg, waar ook nog het Stations koffiehuis te vinden is. Helaas bij ons bezoek gesloten, maar het diepbruine interieur lijkt een regelrechte stap in een grijs verleden.

Het oude NOLS-station in Rolde

NOLS station Rolde

Station Rolde 2015


Het station zelf is moeilijk, zeg gerust niet, te benaderen. Rondom hoge begroeiing en een genadeloos hek. Ik besluit aan te bellen, waarna de bewoonster enigszins beschroomd opendoet.

Ze vraagt me met een perskaart te bewijzen dat ik van Dagblad van het Noorden ben en dat komt eigenlijk nooit voor. Het is omdat er zó vaak nieuwsgierige mensen aanbellen, verklaart ze.

Station Rolde 1970

Station Rolde 1970

Maar dan krijg ik ook toegang tot wat zij en haar man hun paradijsje noemen. Terecht.

Er staat nog veel dat herinnert aan het oorspronkelijke gebruik. Een houten loods met het opschrift Rolde, bordjes, en natuurlijk het station zelf dat zij begin jaren zeventig konden huren.

Het spoor lag er nog toen, heel af en toe was er zelfs nog een goederentrein die materiaal aanvoerde voor de aanleg van de N33.

deel 5

Op naar de finish, van Rolde naar Assen. Ik vind hier geen overblijfselen van het oude spoor, al zullen er ongetwijfeld lezers zijn die ze wel weten aan te wijzen. Want dat de spoorgeschiedenis van Drenthe leeft, is wel gebleken tijdens deze vijfdelige serie. Heel wat lezers hebben gereageerd, tips gestuurd, soms lange e-mails. En natuurlijk ook correcties.

Zo zijn volgens Peter Dokter, de bewoner van het station in Exloo, de stations van NOLS geen Rijksmonument, maar provinciale monumenten. Hij stuurt een officieel schrijven van de provincie mee; er is geen speld tussen te krijgen. Maar het belangrijkste is natuurlijk dat wat er nog is, bewaard blijft.

De Noord-Ooster Locaal Spoorweg in Drenthe mag dan geen succes geweest zijn, maar de erfenis is fraai.
Veel informatie vindt u op de website van de NOLS.

Heeft u deel 2 gemist? Lees het hier!

Bron: DVHN, Tekst Jaap Kiers, foto’s diverse bronnen.